DAKHAAS x RAUM: De Toekomst van de Stad

Elja Looijestijn – Rechtdoor tot de Dakhaasstraat

Enkele teksten uit de DAKHAAS worden via onze website gedeeld, elke week één. Wil je hem in huis? Ga naar dedakhaas.nl.

Tekst: Elja Looijestijn
Illustratie: Hans Weenink

Utrecht groeit en elke straat die erbij komt, heeft een naam nodig. Op de nieuwe straatnamen hebben we misschien wel meer invloed dan we denken.

 

De Biltstraat, de (niet het) Neude, het Oude grachie; het zijn straten die tot ver buiten Utrecht overbekend zijn. Maar er komen steeds meer straten, wegen en pleinen bij, en die moeten ook allemaal een klinkende naam hebben. Dat is de belangrijke taak van de commissie straatnaamgeving. Die telt zes leden, vergadert vier keer per jaar en heeft een heel vriendelijke secretaresse, Alice Oosterhoff. Zij vertelt wat er op zo’n vergadering over tafel gaat. ‘We bespreken initiatieven voor vernoemingen en ontwikkelingen rond nieuwbouwprojecten. Als er – bijvoorbeeld door het verleggen van straten – bepaalde namen van pleinen, wegen of straten verdwijnen, bespreken we de gevolgen daarvan voor de straatnamen.’ Maar hun leukste taak is natuurlijk: nieuwe straat­namen verzinnen. Overigens geeft de commissie officieel alleen advies, de burgemeester en wet­houders moeten de vondsten altijd nog goedkeuren. In 2017 vierde de commissie straatnaamgeving het vijftigjarig bestaan. Ter gelegenheid daarvan schreef Bettina van Santen het zeer lezenswaardige boekje Altijd zoekend naar de juiste naam, dat je kunt downloaden op de site van de gemeente en waar we voor dit artikel ook veel informatie en anekdotes uit gebruiken.

Moskeeplein

Nieuwe straatnamen worden vaak in groepjes bedacht rondom een onderwerp. Om door de stad te navigeren, is het namelijk handig als je aan de straatnaam al een beetje kunt zien waar het adres ongeveer is. Daarom zijn alle dreven in Overvecht, moet je voor de Waddeneilanden naar Lunetten en grenst in Parkwijk de Sesamhof aan de Maanzaadstraat. De commissie bedenkt thema’s waarbinnen lekker te variëren valt.

Straatnamen mogen echter niet te veel op elkaar lijken. Stel je voor dat de ambulance naar de verkeerde straat rijdt omdat de chauffeur de naam niet goed verstond, daar kunnen levens vanaf hangen. Voor het huidige Moskeeplein was bijvoorbeeld eerst de naam Damplein gesuggereerd, maar dat leek te veel op Domplein. Verder moet een straatnaam makkelijk uit te spreken zijn, al valt daar natuurlijk wel over te discussiëren. Zo hadden Chinese bewoners van een ouderenwoongroep in de George Jarnostraat in Terwijde veel moeite om de naam van deze Hongaarse componist uit te spreken. Ze verzochten daarom in 2010 om een wijziging, maar de commissie ging daar niet op in.

Moordenaar

Personen waar een straat of plein naar vernoemd wordt, moeten van onbesproken gedrag zijn. Om het zekere voor het onzekere te nemen, worden straten meestal naar dode mensen vernoemd. Mocht schaatskampioen Jochem Uytdehaage ineens een neonazi blijken te zijn, dan is het toch lullig als je op het naar hem vernoemde plantsoen in Oog in Al woont.

Maar ook historische figuren die al jaren op de straatnaambordjes prijken, kunnen na verloop van tijd in een ander daglicht komen te staan. Dat geldt bijvoorbeeld voor Jan Pieterszoon Coen, naar wie een van de mooiste straten van Utrecht is vernoemd, maar die in het voormalige Nederlands-Indië duizenden mensen liet ombrengen. Vroeger noemde men dat nog een zeeheld, tegenwoordig wordt hij onomwonden een ‘massamoordenaar’ genoemd. ‘In Utrecht hebben we een werkgroep straatnamen, die zich buigt over de namen die gerelateerd zijn aan de koloniale tijd,’ zegt Oosterhoff hierover. ‘Deze werkgroep heeft een wandelroute ontwikkeld, de Bitterzoete Route, door een tiental straten in de Utrechtse wijk Lombok die de namen dragen van Gouverneurs-Generaal van de VOC. De routebeschrijving schetst de historische achtergrond van het Nederlands koloniaal bewind.’

Dick Bruna

Omdat Leidsche Rijn in de twintigste eeuw werd gebouwd, vond de commissie dat de mensen naar wie straten werden vernoemd, ook uit die tijd moesten komen. Daarom is er nu een wijk met twintigste-eeuwse kinderboekenschrijvers zoals Thea Beckman, Mies Bouhuys en Dick Bruna, en jazzcomponisten als Sonny Rollins en Miles Davis.

In de nog gloednieuwe wijk ontstond al snel een relletje om een straatnaam. In 2010 werd een homostel in de Heinrich Bertéstraat zo getreiterd door jongeren uit de buurt, dat ze uiteindelijk besloten te verhuizen. De zaak kreeg veel aandacht in de media. Een aantal bewoners vroeg vervolgens om een wijziging van de straatnaam, omdat zij dachten dat hun huizen door alle commotie minder waard zouden worden. Na uitgebreid beraad besloot de commissie hier niet op in te gaan.

Het nieuwe Leidsche Rijn Centrum heeft eenvoudige straatnamen naar Europese hoofdsteden; eigenlijk een wonder dat dat thema nog nergens anders in Utrecht was gebruikt. In eerste instantie had het Projectbureau Leidsche Rijn bedacht om de straten aan de duiden met rangtelwoorden, net zoals in Manhattan: de Eerste Straat, Tweede Straat tot en met Tiende Straat. De commissie vond dit geen goed idee, want verwarrend (de Tiende Straat lijkt te veel op de bestaande Tiendstraat, bijvoorbeeld) en – laten we eerlijk wezen – LRC heeft veel te bieden, maar het ligt toch behoorlijk ver verwijderd van NYC.

Stemmen

De commissie Straatnaamgeving heeft genoeg ideeën voor nieuwe straatnamen, maar vindt het ook belangrijk dat inwoners van Utrecht invloed hebben op het straatnaambeleid. ‘In 2018 is de commissie uitgebreid om meer inbreng vanuit de inwoners te organiseren,’ vertelt secretaresse Oosterhoff. Zo heeft de commissie, die verder uit ambtenaren bestaat, nu ook een burgerlid, genaamd Hans van Oort. ‘We vinden het belangrijk dat inwoners met ons meedenken over straatnamen,’ zegt Oosterhoff. ‘We moedigen ze aan om ideeën in te brengen, maar zorgen er ook voor dat ze een stem hebben in de keuze voor namen. Zo hebben we inwoners gevraagd te stemmen op straatnamen rond het Veemarktplein en de wijken Leeuwesteyn en Rijnvliet.’

Ook de naam van de Dafne Schippersbrug kwam tot stand door inbreng van de burgers. Om de fietsbrug over het Amsterdam-Rijnkanaal tussen Oog in Al en Leidsche Rijn een naam te geven, werd in september 2015 een prijsvraag uitgeschreven. Op de vrijdag voordat de prijsvraag de lucht in zou gaan, werd Schippers wereldkampioen op de 200 meter sprint. Hoewel het eigenlijk niet de bedoeling was om de brug naar een nog levend persoon te vernoemen, begon in de lokale media onmiddellijk een campagne. Uiteindelijk werd met een overgrote meerderheid de naam van Dafne Schippers gekozen. De Snelbinder en de Everard Meijsterbrug eindigden op de tweede en derde plaats.

Barabas

Niet aan alle suggesties wordt echter gehoor gegeven. In 1999 leek het de bewoners van Tuindorp een geinig idee om een nieuwe straat de naam van professor Zonnebloem of professor Barabas te geven – het was immers de professorenbuurt. De commissie vond het geen optie om een straat te vernoemen naar een stripfiguur. Maar de toenmalige locoburgemeester besloot dat de naam professor Zonnebloem moest kunnen en gaf zijn goedkeuring. Het verzoek om de Potterstraat om te dopen in Harry Potterstraat, werd in 2007 wel afgewezen.

Ongeveer vier tot zes keer per jaar krijgt de commissie suggesties binnen, meldt Oosterhoff. ‘Soms gaat het om een huisarts die veel betekend heeft voor de buurt, een schrijver, een sporter, journalist of verzetsheld.’ Dat biedt perspectieven! Waarom heeft Utrecht eigenlijk nog geen Dakhaasstraat of -plein? ‘Je kunt de suggestie met argumentatie sturen naar straatnaamgeving@utrecht.nl,’ aldus Oosterhoff. ‘Ook andere suggesties zijn van harte welkom.’

Reken maar dat Alice Oosterhoff een mailtje in haar inbox heeft met een uitgebreid pleidooi om een straat naar jullie lijfblad te vernoemen. De volgende vergadering van de commissie is op 13 mei, kort nadat deze Dakhaas verschijnt. Wij zijn erbij, dus wie weet kun je binnenkort je post naar de Dakhaasstraat sturen.

 

facebook insta twitter youtube itunes spotify zaag oog search